Hoe werken we?
Als u een onderzoeksvraag heeft, bekijken wij eerst in overleg met u of hij is onder te brengen in een lopend project. Voordeel daarvan is dat u direct gebruik kunt maken van het beschikbare instrumentarium. Als u zich bij ons aanmeldt, kiest u een gebruikersnaam en wachtwoord waarmee u op het beveiligde gedeelte van de site komt. U kunt dan snel een cliënt aanmelden en vervolgens de gewenste vragenlijst(en) openstellen.
Hebt u specifieke vragen dan maken wij op basis van een overleg met u een plan van aanpak met een inschatting van de kosten en de duur van het project. Ook worden afspraken gemaakt over verslaglegging en eventueel publicatie en gebruik van resultaten voor onderzoeksdoeleinden.
Ons systeem is er op ingericht om zoveel mogelijk geautomatiseerd te laten verlopen.
Wij zijn ons er voortdurend van bewust dat wij met vertrouwelijke persoonsgebonden informatie werken. Bescherming van de privacy staat hoog in ons vaandel.
Beschrijving standaard onderzoek Soffos
De methode
Om binnen het complementaire veld de effecten van behandelwijzen (hierna te noemen: interventies) aan te kunnen tonen hanteert onderzoeksbureau Soffos een model dat ook binnen de reguliere zorg geaccepteerd wordt. Het model is het black box model dat in 1993 werd geadviseerd voor wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit van alternatieve behandelwijzen door de Gezondheidsraad in een advies aan de toenmalige minister van Volksgezondheid Els Borst. (http://www.gezondheidsraad.nl/nl/adviezen/alternatieve-behandelwijzen-en-wetenschappelijk-onderzoek).
Dat model houdt in dat de interventie een zwarte doos is. De essentie is dat we niet inhoudelijk kijken naar de manier waarop de interventie werkt. We brengen in kaart wat de status van de cliënt is voorafgaand aan de interventie (in de zwarte doos) en we brengen in kaart wat de status van de cliënt is na afloop. Om te zien of het effect van de interventie behouden blijft, kan na verloop van een zekere periode nogmaals de status van de cliënt in kaart gebracht worden.
Omdat wij een onafhankelijk onderzoeksbureau zijn geven wij transparant en objectief weer wat de uitkomsten van de metingen zijn en hoe het proces is verlopen. Als de beschreven methode wordt gebruikt is de kans dat de uitkomsten de waarheid benaderen groot en kunnen de resultaten gepubliceerd worden als dat gewenst wordt. Eerder zijn van onze hand 2 artikelen over onderzoek in deze vorm verschenen in het Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde. Deze artikelen kunt u vinden op de site van Soffos: www.soffos.eu.
Kritische factoren van het model
Meten aan cliënten
Het is bij dit model belangrijk ons te realiseren dat de status van de cliënt ook los van interventies verandert in de loop van de tijd. Als dit model wordt toegepast voor 1 cliënt dan kan de statusverandering in de loop van de tijd ook bepaald worden door factoren die niets met de interventie te maken hebben, zoals het krijgen van een ongeluk of het winnen van de staatsloterij. Deze beperking geldt voor alle onderzoek dat bij cliënten wordt gedaan.
Dit probleem kan ondervangen worden door heel veel cliënten bij dit soort onderzoek te betrekken, omdat dan de positieve en negatieve veranderingen die niet te wijten zijn aan de interventies, zich uitmiddelen.
Als we uitspraken willen kunnen doen in dit model dan is het volgens psychologische inzichten als vuistregel noodzakelijk om tenminste 250 cliënten in het onderzoek te betrekken.
Deze groep van 250 cliënten is nodig om harde uitspraken te kunnen doen over 1 eigenschap, in dit geval over het effect van de interventie voor deze 250 cliënten. Naarmate het verschil in score tussen het eerste en het tweede meetmoment groter is, kan met een geringer aantal respondenten worden volstaan.
Hoe meten we
Het in kaart brengen van de status van cliënten kan op veel verschillende manieren gebeuren. Klinische parameters, maar ook vragenlijsten kunnen gebruikt worden. Het voordeel van vragenlijsten is dat het de status van de cliënt in de beleving van de cliënt weergeeft en dat het relatief gemakkelijk te doen is. De kritische factor is hier: de kwaliteit van de vragenlijst, omdat deze de uitkomsten van het onderzoek bepaalt. Als de vragenlijst niet de juiste dingen meet, zullen de uitkomsten geen waarde hebben. Daarom werkt Soffos met gevalideerde vragenlijsten of worden vragenlijsten ontwikkeld samen met de opdrachtgever volgens wetenschappelijke methodes.
Hoeveel methoden van meten
Als de status van de cliënten in kaart wordt gebracht met 1 meetmethode dan kan als kritiek gelden dat deze methode niet in alle gevallen 100% betrouwbaar hoeft te zijn. Als 2 of meer meetmethoden gebruikt worden om de status van de cliënten in beeld te brengen en de 2 meetmethoden geven een soortgelijke verandering te zien, dan is de statistische kans dat er iets veranderd is groter dan wanneer er 1 meetmethode wordt gebruikt. Het nadeel van het gebruik van meerdere meetmethode is dat de kosten hoger zijn. Overigens is de kanttekening hier nog wel op zijn plaats dat de meetmethoden onafhankelijk van elkaar moeten zijn en bij voorkeur allemaal wetenschappelijk geaccepteerd. Men kan overwegen op deze manier ook een eigen meetmethode, bijvoorbeeld uitslagen van een apparaat die niet geaccepteerd zijn, te bewijzen. Zo kan evidence verkregen worden voor een tot dat moment nog niet bewezen meetmethode.
Omgevingsbeschrijving
Het is van belang om de omstandigheden en wijze van behandelen zo goed mogelijk in kaart te brengen. Door goede beschrijvingen te geven over wijze van behandelen en omstandigheden is het mogelijk de uitkomsten later nogmaals te produceren. Voor goed onderzoek geldt dat het vooral reproduceerbaar moet zijn. Als iemand met de beschrijving in de hand het onderzoek wil herhalen, dan moeten de uitkomsten vergelijkbaar zijn.
Wie en hoeveel cliënten wordt gevraagd deel te nemen aan het onderzoek
De onderzochte groep cliënten dient een goede afspiegeling te zijn van de totale groep cliënten die een behandelaar of een groep behandelaars behandelt. Dat betekent dat het beste is om in een afgesproken periode alle cliënten te vragen om deel te nemen aan het onderzoek totdat men 250 cliënten heeft ingesloten. Als men als groep behandelaars optreedt, dan is er geen echte uitspraak te doen over het effect van de individuele behandelaar. Bij grote effecten kan men dan wel tendensen aangeven per individuele behandelaar.
Er kan ook gekozen worden om bijvoorbeeld elke maand de eerste, derde en vijfde cliënt te vragen deel te nemen aan het onderzoek. Het zal duidelijk zijn dat als de behandelaars gericht sommige cliënten wel en andere cliënten niet uitnodigen, dus een selectie toepassen, de uitkomsten van het onderzoek geen reëel beeld hoeven te geven. Er kan dan geen uitspraak worden gedaan over de juistheid van de uitkomsten. Als medewerkers van onderzoeksbureau Soffos zullen wij alle behandelaars hier altijd op wijzen, maar ons is niet altijd bekend of behandelaars zich daar ook aan houden.
Als cliënten aangeven niet deel te willen nemen aan onderzoek is het altijd goed na te vragen waarom cliënten niet willen deelnemen en dat te registreren.
Uitvallers
In dit type onderzoek is het belangrijk dat als de uitgangssituatie in beeld is gebracht met een of meer meetmethoden, vervolgens de situatie tussentijds of na afloop van de interventies in kaart wordt gebracht met het(de)zelfde meetinstrument(en) als bij de uitgangssituatie. Als er cliënten zijn die bij de tweede en/of derde meting niet meer willen deelnemen is het van cruciaal belang dat er wordt geregistreerd waarom cliënten niet meer willen deelnemen. De kritische volgers van het onderzoek zullen anders de zeer terechte opmerking maken dat de cliënten die geen baat hebben gehad bij de interventie de tweede en/of derde vragenlijst niet meer hebben willen invullen of niet zijn meegenomen in de uitkomsten. Het zal duidelijk zijn dat als veel cliënten voortijdig gestopt zijn de uitkomsten daarmee niet betrouwbaar over zullen komen.
Is 1 groep cliënten voldoende
Uitgangspunt is dat we standaard kunnen beschikken over 1 groep cliënten van 250 cliënten die allemaal 1 behandelmethode hebben ondergaan. Het is genoegzaam bekend dat alle behandelingen een placebo effect kennen. Daarnaast zal het zo zijn dat verschillende behandelmethoden voor verschillende groepen cliënten verschillende effecten geven. Als er een veelvoud van 250 cliënten deelneemt aan hetzelfde onderzoek, dus de meetmethode om de status van de cliënt vast te stellen hetzelfde is, dan zijn na afloop van het onderzoek de effecten voor de verschillende groepen te benoemen.
Het fraaist zou het natuurlijk zijn als er ook een groep van 250 cliënten is die na 1 behandeling stopt, maar wel nog aan de 2 of 3 metingen deelneemt. Deze groep kunnen we dan als controlegroep meenemen.
Beperkingen van het onderzoek
Omdat het onderzoek niet in een klinische setting of in een laboratorium plaats vindt, is er altijd de invloed van de omgeving. Zowel de cliënten als de behandelaars handelen allen op hun eigen wijze. Deze eigen wijze kan de uitkomsten beïnvloeden. Als de groep heel groot is, dan vallen de effecten van enkele individuen eruit, maar er blijft aandacht nodig voor dit soort effecten. Het is van belang goed onderscheid te maken tussen incidenten en structurele fouten, deze kunnen immers van grote invloed zijn op de uiteindelijke uitkomsten.
Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat mensen zich meestal niet meer goed kunnen herinneren hoe ze zich enige tijd geleden voelden. Dat betekent dat de gebruikte vragenlijsten niet zouden moeten vragen naar situaties uit het verleden.
Flexibiliteit van het onderzoek
De flexibiliteit van dit type onderzoek is heel groot. Men kan kiezen voor 1 of meer meetmethode, voor vragenlijsten of zorgconsumptie of klinische parameters, men kan als groep behandelaars of als 1 organisatie deelnemen.
Mocht u naar aanleiding van deze beschrijving vragen hebben of onderzoek willen laten doen, dan horen we dat graag.


